Ze hadden op een afstand staan kijken; vier vrouwen en een jongeman.

Het is te erg om aan te zien. Daar hangt een blote man:
de armen wijd, met grote druk op zijn borstkas vecht hij voor elke ademteug.
De druk van zijn eigen gewicht zorgt ervoor dat hij langzaam stikt.
Er hangt een blote man, in al zijn schaamte.
Het liefst blijven we op afstand staan,
zouden we er niet naar kijken, of er een kuis doekje voorhouden.
Maar zijn onderkleren hebben de soldaten zojuist verdeeld.

Ze hadden op een afstand staan kijken; vier vrouwen en een jongeman.
Jezus’ moeder. Daarnaast staat een zus van Maria en dus een tante van Jezus.
En dan nog 2 Maria’s: de vrouw van Klopas, waarschijnlijk een broer van Jozef;
dat maakt deze Maria een tante van de andere kant van de familie.
En dan nog Maria uit Magdala en Johannes, twee goede vrienden van Jezus.

Ze hadden op een afstand staan kijken, maar komen dichterbij.
Hun zoon, hun neef, hun goede vriend. Dat is hoe ze hem kennen.
Niet als de crimineel, de goddeloze lasteraar die de mensen denken dat hij is.

Ze komen dichterbij om te zien hoe het gaat met hun zoon, hun neef, hun vriend.
Om hem moed in te spreken? Om hem bij te staan?
Ze komen dichterbij, maar zien maar half wat daar aan het kruis gebeurt.
Ja, daar hangt hun zoon, neef en vriend.
Maar hij is vooral het Lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt.

Jezus heeft zoveel rollen, die van zoon, die van neef, die van vriend;
hij heeft opgetreden als geneesheer, als rabbi, als verhalenverteller.
Maar aan het kruis hangt hij daar als zondoffer,
slachtoffer van een vals proces.
Het klopte van geen kant, maar op deze manier neemt hij de rol aan van crimineel,
van goddeloze lasteraar, in mijn plaats.

Ze hadden op een afstand staan kijken, vier vrouwen en een jongeman.
Maar zelfs als ze dichterbij komen zien ze maar half wat er gebeurt aan dat kruis.
Ze zijn nog vol onbegrip over wat er gebeurt.
Het ging zo snel; waarom?
Jezus had nog wel gezegd dat hij moest lijden en sterven,
en een oudere neef van Jezus, de profeet Johannes,
had al aangekondigd dat Jezus het Lam van God is,
dat de zonde van de wereld wegneemt.
Maar Jezus’ familie en vrienden, dichterbijgekomen, ze zien het niet.

Maar hij neemt het ze niet kwalijk.

Terwijl hij vecht voor elke ademteug, neemt de Gods Zoon
een laatste keer de rol van Maria’s eerstgeboren zoon op zich.
Na de dood van vader Jozef was Jezus hoofd van het gezin,
verantwoordelijk voor zijn moeder Maria, weduwe.
Jezus zorgt voor zijn lieve moeder,
door te zorgen dat na zijn dood er nog steeds voor Maria gezorgd wordt.
Vrouw, dat is je zoon.
En tegen Johannes: Dat is je moeder.

Jezus zegt het niet om de familiebanden door te snijden,
onverschillig, alsof die er niet toe deden.
Misschien proef je dat in het afstandelijk klinkende “Vrouw”.
Maar dat is het niet.
Zijn familie bestond niet maar uit figuranten,
toneelattributen die de Zoon van God nodig had voor de show.
Het leven van Jezus, was niet maar een verkleedpartij,
zijn menselijk bestaan was niet schijn.
Daar hangt een echt mens; hij is hun zoon, hun neef, hun vriend.
En in die rol zorgt hij voor zijn moeder, tantes en vriend.

Jezus, Zoon van God en zoon van Maria.
Echt God, en ook echt mens,
geboren in een familie van gewone mensen,
mensen met een naam: Jozef en Maria, broer van Jakobus en Judas.
En dat doet ertoe.
Zo zijn twee van Jezus’ tantes er getuige van
dat Jezus voor het pensioen van zijn moeder zorgt.
Terwijl hij vecht voor elke ademteug.

En zo kijken wij vanavond naar Jezus.
Getuige van een intiem familiemoment.
Maar durf ook dichterbij te komen.
En zie dan, dat hij daar hangt in zijn schaamte. Open en bloot.
Hij draagt onze schaamte en ondergaat de volle woede van zijn vader.
Aan de voet van het kruis zijn we niet alleen getuige
van de adoptie van Johannes door Maria.
Als je dichterbij komt ontdek je dat ook u en ik geadopteerd worden.

We worden aangenomen, door de vader van Jezus Christus.
Die nu ook onze Vader wordt. En dat maakt ons broeders en zusters.

Zussen, zie uw broers. En broers, zie uw zussen.


online delen:

Meer preken uit Johannes