Votum (gezongen) en groet Ps 103:1,5 (Zegen, mijn ziel, de grote naam des Heren) Wet (Rom 6:3-11) Gebed L: Mt 10:24-33 Kindermoment over Joh 21:9-17 Kinderlied: Ik wil meer en meer gaan lijken op Jezus Preek over Mt 10:25a Opw 520:1,2,5 (Wees mijn verlangen) op orgel Mededelingen KR + collectedoel Gebed Collecte Opw 609 (U bent Heilig) Zegen en Danish Amen

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Wanneer heb je genoeg geleerd? foto
Als je een vak leert, een ambacht, een sport,
en je de kunst afkijkt van de meester,
dan komt er soms een moment dat hij zegt:
Ik kan niets meer voor je doen. Ik heb je alles geleerd wat ik kan.

En als de leerling dan doorgroeit,
(je hebt dat bij mensen met extreem talent, grote kunstenaars)
dan overtreft de leerling, de meester.
En dat brengt weer zijn eigen gevoelens met zich mee.
Ben je als leraar blij dat je leerling zo goed is,
of een beetje jaloers dat hij je voorbijstreefde?


Ergens is dat wel een streven dat in veel mensen zit. zwart
Om beter te zijn, om boven iemand uit te groeien.
We vergelijken ons makkelijk met elkaar,
leggen een lat naast wat jij en ik doe,
en kijk dan of iemand ook onder de maat scoort,
of dat je juist de ander overtroeft.
En zelfs al ben je bescheiden,
en wil je je voorgangers en leermeesters eren,
dan heb je een spreekwoord, dat je op de schouders van reuzen mag staan.
Je geeft ze de credits dat het reuzen zijn.
Maar ondertussen sta jij dus wel hoger…

Jezus zegt: “Een leerling moet er genoegen mee nemen Mt 10:25a
te worden als zijn leermeester, en de slaaf als zijn heer.”

En als je erover nadenkt, dat wij als leerlingen worden als Jezus,
dan hoeven we dat ook helemaal niet te overtroeven.
alsof dat ook zou kunnen…
Maar Jezus zegt dat dus toch:
Zorg maar dat je op gelijke hoogte komt.
Worden als de Meester. Volg mij na.

Vanmorgen willen we dus de kunst bij Jezus afkijken.
Volgen, volgens Jezus.
Het van hem leren, hoe hij deed, en hoe wij kunnen doen.

En ik stapte van te voren een beetje dit onderwerp in,
als van: het is moeilijk om Jezus te volgen.
Het lukt me toch niet. Dat red ik nooit.
Maar ik hoop dat je aan het eind van de dienst iets hebt gezien,
hoe mooi het is, om misschien wel verder te komen dan je dacht.
Makkelijk is het niet.
Jezus volgen, zullen we zien, is ook volgen in zijn lijden.
Maar als je ziet waarom hij dit zegt,
dan zie je het gebeuren in je verleden,
en wil je er ook zelf een bijdrage aan leveren.
Tenminste, dat hoop ik.


Uit het stuk wat we lazen, kunnen we 3 dingen halen,
waarin we Jezus kunnen navolgen.

Allereerst kunnen we Jezus volgen in moed. 1. Moed
Je ziet het Jezus hier zeggen: Wees niet bang.
Het zijn woorden die na zijn opstanding nog meer kracht hebben gekregen.
vrees niet, wees niet bang. Ik sta aan jullie kant.

In ons stukje staat het 3x: niet bang zijn!
Kijk bijvoorbeeld in vers 28: vs28a
“Wees niet bang voor hen die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden.”
Jezus bereidt zijn leerlingen hier voor op vervolging die kan komen.
Mensen zullen gelovigen pijn doen, vervolgen, doden.
Maar wees niet bang voor het lichaam dat ze kunnen raken.
Je ziel, kunnen ze niet kapot maken.
Jezus gaat verder met woorden waar je misschien van schrikt: vs28b
“Wees liever bang voor hem die in staat is
én ziel én lichaam om te laten komen in de Gehenna.”

Jezus’ hoorders hoorden daar de naam in, van het dal van Hinnom.
Dat was de grote vuilstortplaats van Jeruzalem.
Denk aan een afvalverwerkingsplek, een vuuroven waar je troep in gooit.
Maar moeten we bang zijn dat God je naar de hel stuurt?
Jezus zegt het subtiel: wees liever bang.
Ik zou zeggen: Heb juist ontzag voor degene die daarover gaat,
die die beslissing neemt.
Niet de vijanden en vervolgers van de kerk,
die misschien je lichaam kunnen beschadigen,
kijk niet op tegen hen, maar juist tegen degene die ook over je ziel gaat.

En als je leest hoe Jezus verder gaat, zwart
wordt ook wel duidelijk dat God je niet zomaar in de hel gooit.
Denk aan iets goedkoops, een of ander prul wat je bij de Action ofzo koopt.
Matige kwaliteit, lekker goedkoop. Zo makkelijk als je het koopt,
zo makkelijk belandt het ook weer op de vuilnisbelt.
Maar zo goedkoop wij soms met spullen omgaan, zo is God niet.
Neem nou die musjes. Ze kosten niets.
Maar gaat God er achteloos mee om? Nee.
Hij ziet het als er door de hitte eentje van het dak af valt.
En met je haar, zo gemakkelijk als het uitvalt,
je het opveegt of uit het douche–putje vist; we gooien het weg.
Maar God gaat er niet zo mee om.
Alsof hij je uit de goot, uit het putje haalt.
Hij raapt ze op, alle haren zijn geteld.
Hij kent je, hij ziet je. Je telt voor hem mee.
Wat voor ons waardeloos is, of waar je zelfs van over je nek gaat;
God ziet er de waarde van in.

Jezus’ conclusie is: Wees dus moet bang. vs30v
Want God kent je waarde. Hij schat je soms hoger in dan jij jezelf.
Als je God kent als degene die je waarde kent,
dan mag je ook vertrouwen dat hij je niet zomaar bij het afval doet.
Hij gooit je niet in de Gehenna.
Wees niet bang. Want Vader kent je, en hij ziet je.
Dat geeft moed.


Maar dat roept wel de vraag op, geldt dat voor iedereen? 2. Lijden
Jezus zegt het hier in de context van vervolging.
Het gaat over mensen die je willen pijn doen.
Je geloof afdoen als rommel. Je willen weg doen.
Jezus zegt dit tegen mensen die zullen lijden.

Je ziet dat in het einde van vers 25. vs25b
“Als ze de heer des huizes al Beëlzebul genoemd hebben,
waarvoor zullen ze dan zijn huisgenoten wel niet uitmaken?”

Jezus is de huisbaas, de Heer.
En hij is uitgescholden voor een of andere duivel.
Als mensen Jezus al vervolgden, als ze hem minderwaardig en belachelijk,
verwerpelijk en slecht vinden, dan moet je niet gek opkijken,
als ze dat ook bij jou doen. Denk niet dat ze jou wel een toffe peer vinden.

Is het OK voor jou, om net als Jezus te moeten lijden?
Of wil je dat het beter met jou gaat dan met Jezus?
Een leerling moet er genoegen mee nemen te worden als zijn leermeester,
en de slaaf als zijn heer.


En dan is er nog een 3e ding wat hierbij hoort. 3. Getuigen
En dat is getuigen, ervoor uitkomen. Dat zie je in vers 32 en 33.
Als je voor Jezus uitkomt, hem erkent, vs32v
dan is Jezus het contactpunt tussen jou en de Vader.
Hij is de schakel.

Als je je te groot voelt om zijn naam te dragen,
als je de meester wil overstijgen of overschaduwen,
tja, dan kan Jezus ook niet de brug naar Vader zijn.
“Maar wie mij verloochent bij de mensen,
zal ook ik verloochenen bij mijn Vader in de hemel.”
zwart

Ik denk dat we de ernst van deze woorden niet moeten wegpoetsen.
… Maar laat je je er ook niet door verlammen.
Daarom hebben we in het kindermoment geluisterd
naar het verhaal van Petrus en Jezus. Joh 21:9–17
Petrus had Jezus wél verloochend: “Ik ken de mens niet!”
Petrus had zijn neus gedrukt: ik hoor daar niet bij…
Hij had niet de moed, hij was bang voor het lijden,
en nu het erop aankwam wilde hij er niet voor uit komen.
Zal Jezus nu Petrus verloochenen?

Jezus stelt een vraag: hou je van mij? 3x vraagt Jezus dat,
want Petrus had 3x zijn band met Jezus ontkent.
In onze tekst staat toevallig ook 3x de bemoediging: niet bang zijn.
Want wat Jezus bij Petrus doet, is die vieze haarbal uit de goot redden.
Voor mensen zoals hij, die soms niet de moed hebben, heeft Jezus geleden.

Maar dan komt het. Vervolgens zegt Jezus: Zorg voor de kudde.
Hier. Ga maar op mijn plek staan. Neem mijn plek maar in.
Zoals ik de moed had om over Vader te vertellen,
heb jij nu ook maar de moed om over mij te vertellen.
Wat ik jullie eerst in het verborgene heb gezegd,
getuig daar ook maar van.
Ja, spreek dat uit in het volle licht, schreeuw dat van de daken.
Zelfs als je daarom zou moeten lijden.
Dat was mijn weg, zou dat dan voor jou anders zijn?
De weg van een leerling is niet beter, als die van de meester.
Wat in dat verhaal dus met Petrus gebeurt,
daar zie je ook iets van in onze tekst.
Een leerling moet er genoegen mee nemen te worden als zijn leermeester.
Te worden net zoals jij. Op zijn plek komen.
Ik wil meer en meer gaan lijken op Jezus
En om dat te illustreren wat er dan gebeurt,
misschien helpt het als ik het in een schema zet. kolom 1

Vader Jezus Apostelen
Jezus Apostelen Kerk
Apostelen Kerk de wereld

Jezus is gekomen, en heeft
zijn leerlingen vertelt over de Vader.
En hoeveel Vader ons waard vind,
zoveel meer dan mussen of haren.
En als hij zelfs daarvoor zorgt, dan natuurlijk ook voor jou.

Hier zie je ook hoe Jezus de schakel is, tussen de Vader, en Jezus’ leerlingen.
Bij de Vader komt de moed vandaan, want die zorgt voor je.
En getuigen doet Jezus naar zijn leerlingen.

Dan een 2e kolom: kolom 2
Want Jezus stuurt zijn leerlingen erop uit.
Tegen Petrus zegt Jezus: hoedt mijn kudde.
Dus de apostelen, vinden hun moed in Jezus,
want hij red je uit de goot, hij ziet je en kent je door en door.
En de apostelen getuigen, en zo komen meer en meer mensen tot geloof.
Je ziet de vroege kerk ontstaan.

En dat die doorgaat, en als maar doorgaat, kolom 3
is eigenlijk de 3e kolom.
Wij, als leden van de kerk op de 2e regel.
We hebben de woorden van apostelen.
en nog zoveel meer woorden. En dat geeft je moed.
En voor wie doen we het? Voor de mensen
Dat klink misschien een beetje gek, of minderwaardig,
zo bedoel ik het niet. Ik haal het woord uit vers 32.
“Iedereen die mij zal erkennen bij de mensen,
zal ook ik erkennen bij mijn Vader in de hemel”

Jij en ik, zijn er mensen naar wie jij vertellen kan over Jezus?


Nu wil ik dat je met een schuin oog naar deze tabel kijkt. diagonaal
Zie je hoe het telkens een plekje opschuift?
Dat gebeurt als je moet worden als de leermeester.
De 2e rij komt ook telkens op het plekje van de 1e rij.
Ook Jezus zelf vind het genoeg om naast zijn Vader te zitten,
die hem gestuurd had. Hij hoeft er niet boven.
Het is goed en genoeg om op dezelfde plek te zitten.
Worden als de leermeester.
Zo kan Jezus zeggen: “de Vader en ik zijn één” Joh. 10:30

Maar dat geldt ook voor de leerlingen.
Jezus zet Petrus op zijn plek.
Met dezelfde bron om moed uit putten:
“Blijf in mij, dan blijf ik in jullie” Joh 15:4
Maar ook met dezelfde opdracht:
“Zoals de Vader mij heeft uitgezonden, zo zend ik jullie uit.” Joh 20:21

Zo gaat de keten steeds verder. voorbeelden
Er zijn misschien mensen van wie jij het evangelie hebt geleerd,
van je vader of moeder, of van mensen om je heen.
Van een vriend of vriendin.
En nog steeds laat je je door hen bemoedigen in het geloof.
Ze hebben een voorbeeld functie, want je ziet iets van God in hen.
Want die zitten een beetje op de zelfde plek.
Je herkent iets van, waar hun bemoedigingen vandaan komt,
en precies dat is wat jou ook ooit heeft aangestoken.

Maar het werkt ook de andere kant op. getuigen
Jij mag die rol ook voor andere vervullen.
Want het is de bedoeling dat de leerling op de plek van de leermeester komt.
Doorschuiven in de tabel.
Er is een joodse spreuk: “maak veel leerlingen” mAvot.01:01
Dat principe zit er achter, dat leerlingen, als Petrus,
steeds weer nieuwe leerlingen maakten,
die het op hun beurt doorgaven…
… totdat ook wij het verhaal van Jezus ontvingen,
om ook weer door te geven.

Hoe doe je dat? Nouja, ik stel de vraag maar:
Voor de jonge gezinnen: neem jij als vader of moeder de plek in,
dat jij wat wil leren aan je kinderen? Pak je die rol?
Leg je uit waarom je bid?
Neem je tijd om door te praten over een bijbelstukje?
Laat je merken wat het geloof voor je betekent,
of waarom een lied je raakt?
En natuurlijk is de vraag voor iedereen:
Zijn er mensen voor wie jij wil getuigen?
Heb je de moed om te getuigen, zelfs als het je wat kost,
in reputatie, of eergevoel? Of druk je liever je neus?

Ik denk ook dat een kerkstructuur met kleine kringen, zwart
een goede vorm is, om leerlingen bij elkaar te brengen,
en te zien waar leraren opstaan.
Die inspirerende, Geestvervulde mensen,
soms zelfs zonder dat ze het doorhebben.
Plekken om te oefenen in het doorgeven van moed,
mensen waar je soms van moet lijden en verdragen,
maar waar je ook het getuigen kunt oefenen.


Als je die rol helemaal nooit pakt, als de keten bij jou stopt,
als je je mond nooit over God durft open te doen,
en jouw geloof en vertrouwen in hem verstopt voor de mensen,
dan zit er iets niet goed…
Laat Jezus je dan de vraag stellen: heb je me echt lief?

Maar ik vind het zo bemoedigend dat Jezus het bij Petrus niet liet gebeuren.
Dat Jezus Petrus niet heeft verloochend, hem niet liet vallen,
als goedkoop afval weggegooid. Nou laat maar zitten, aan jou heb ik niks.
Zo is God niet.

Het doel van die keten is juist,
dat de leerlingen zoals de meester wordt,
dat we worden opgetild en bij Jezus komen.
Dat uiteindelijk iedereen dicht bij God komt.
Alsof de hele tabel wordt opgevouwen en naar elkaar wordt toe geschoven.
Zoals Jezus het zegt, dan ben ik in hem en hij in mij.
Dat is zijn verlangen.

Misschien maken deze vragen je onzeker,
laten je twijfelen over de manier waarop jullie hebben opgevoed,
of of je wel mondig genoeg bent.
Laat je niet bang maken, ook niet als je jezelf tegenvalt,
of als je twijfelt of je wel genoeg van Jezus houdt.
Als ik de moed niet heb, of het lijden niet aankan,
laat dan die hele tabel samengevouwen worden,
en weet je verbonden met voorbeelden, met mensen om je heen,
ook in de kerk, van je groep. Die je bemoedigen, meelijden.
Weet je verbonden met de leerlingen van Jezus,
voor wie Jezus net zo hard geleden heeft als voor mij.
Weet je verbonden met Jezus, die altijd de schakel is,
en klaar staat om de verbinding tussen God en jou te herstellen.
En richt je op Vader. Die je kent, en op waarde schat.

Daar vind je liefde, om Jezus te volgen.
Want zo deed hij het ook. Amen


online delen:

tag volgen moed lijden getuigen leerling/meester opvoeden identificatie figuur wees niet bang waardering Jaarthema Onderling Pastoraat Petrus

Meer preken uit Mattheüs