Voorzang: NPSb 91:1,4 (Wie thuis is bij de hoogste heer) Votum en groet NPSb 84:1, 4 (Uw woning is mij zo lief, Heer) Gebed LB 441:1,5,6 (Hoe zal ik u ontvangen) L: Luc 1:26-38 (voorlezer) LB Ps 91a: 1 (Wie in de schaduw Gods mag wonen) L: Joh 3:1-8 (voorlezer) L: Gal 4:4-7 (voorlezer) LB 441:8 T: Luc 1:35 (lees ik nog een keer) Preek over Luc 1:35 LB 686:1-3 (LvK 247 de Geest des heren heeft) Gebed Collecte (Zittend) als geloofsbelijdenis: NGB art 18 (lees ik) LB 289 Heer, het licht van uw liefde schittert Zegen + Danish Amen

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Het is de vooravond van Kerst: Maria’s buik staat op knappen.
Nog eventjes, en als de vliezen breken, gaat ook de hemel open.
En zien we hoe de Zoon van God de wereld binnenkomt.
Hem willen we leren kennen, kijken hoe hij op Vader lijkt.

Dat is meestal de volgorde hè, kinderen lijken op hun ouders.
En op de een of andere manier werkt dit door op ons beeld van God.
Want God de vader was er altijd.
De Zoon leren we kennen met kerst,
en nog weer later komt de Geest,
als een soort nageboorte, een gedachte achteraf.

Maar dat klopt eigenlijk niet. Want alle drie zijn eeuwig.
Ze zijn zogezegd even oud, ze zijn evenveel God.
Daarom wil ik op de vooravond van Kerst
de aandacht vestigen op de Geest.
Want om mens te worden, om in de wereld te komen,
zien we de Heilige Geest aan het werk.
En dit zegt alles over hoe God altijd, in deze wereld handelt.


Bij Maria is dat uniek.
Lucas vertelt het verhaal, dat de engel bij het meisje komt,
dat hij zegt: “Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je.”
God–met–haar, meer en intiemer dan God–met–ons.
God komt haar zo dicht op de huid, dat ze schrikt. Hevig schrikt.
“Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken.
Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem Jezus noemen.
Hij zal een groot man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd,
en God, de Heer, zal hem de troon van zijn vader David geven.
Tot in eeuwigheid zal hij koning zijn over het volk van Jakob,
en aan zijn koningschap zal geen einde komen.”

Maria is een pienter meisje.
Ze schrikt niet alleen, maar vraagt zich ook af wat het betekent.
En wat ze niet snapt, dat bewaart ze in haar hart en blijft erover denken.
Maar eerst vraagt ze de engel wat ze niet snapt:
Hoe kan dit gebeuren?

Wat de engel antwoordt is een mysterie: “De heilige Geest zal over je komen
en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken.”

De woorden die worden gebruikt,
roepen het beeld op van wolken, die hun schaduwen laten vallen.
Bij ons komen dan direct donkere en dreigende associaties.
Als de wolken samenpakken, dan is dat niet positief.
Maar de hoorders toen, zullen wel aan iets moois hebben gedacht,
denk ik, aan de inwijding van de tabernakel,
waar ook een wolk over de tent komt. Ex 40:34,35
“Toen werd de ontmoetingstent overdekt door een wolk
en werd de tabernakel gevuld door de majesteit van de HEER.
Mozes kon de ontmoetingstent niet meer binnengaan, want de wolk rustte daarop
en de majesteit van de HEER vulde de tabernakel.”

God komt in de tent wonen, en mensen kunnen daarbinnen dan niet zijn.
De wolk, Gods aanwezigheid, was toen te intens, echt de Allerhoogste.
Maar in die wolk liet hij zien hoe Hij hen beschermde tegen Egyptenaren,
en hoe hij richting en licht heeft gegeven in de woestijn.
Nu slaat God zijn tent op in de baarmoeder van Maria,
komt de kracht van de Allerhoogste als een schaduw over haar.
Het meisje dat genade heeft gevonden, wordt niet de tent uitgejaagd!

Die Allerhoogste wordt ook bezongen in Psalm 91: Ps. 91.1–4lxx
“Wie in de beschutting van de Allerhoogste woont
en overnacht in de schaduw van de Ontzagwekkende, zegt tegen de HEER:
‘Mijn toevlucht, mijn vesting, mijn God, op u vertrouw ik.’
Hij bevrijdt je uit het net van de vogelvanger
en redt je van de dodelijke pest, hij zal je beschermen met zijn vleugels,
onder zijn wieken vind je een toevlucht, zijn trouw is een veilig schild.”

Laat mij dan maar beschut zijn, overdekt en veilig.
Laat God dan maar komen, laat de Geest maar over ons vallen.
Als een warme deken en een veilig schild.

Maria zegt het ook zo:
“De Heer wil ik dienen: laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd.” Luc 1:38
Of vind je dat het te gelaten klinkt? Zo van: laat maar gebeuren.
Mij geschiede naar uw woord. Laat maar komen.
Te passief: wordt je daar nou enthousiast van?


Ik vind dat een mooi woord: enthousiast. Het is Grieks.
Misschien herken je in de letters T H O U, het woord voor God: Theos.
En er staat En– voor; dat is dat het er in zit.
Als je enthousiast bent, ben je begeistert,
de Grieken dachten vroeger dat er een godheid in je was gevaren.

Maria krijgt letterlijk: God in haar.
En voor we denken aan de foetus,
aan “het kind dat nog geboren moet worden,
en heilig zal worden genoemd, en Zoon van God”

– voor dat hij komt, komt eerst de Heilige Geest.
Ze wordt door de Geest overschaduwd, beschut, met vleugels overdekt,
zoals Gods aanwezigheid in de tent ook door een wolk werd uitgebeeld.
De kracht van de Allerhoogste, de Geest van God, die komt over haar heen.
Het is een beeld van God die een veilige plek voor je biedt,
zijn vleugels, zijn armen, een afweerschild
als een warme deken, veilig over je heen slaat.
Altijd als God iets doet, iets moois maakt, komt eerst de Geest.
En dan groeit letterlijk, in haar schoot
de belichaming van de vrucht van de Geest:
Liefde in eigen persoon, en al die andere eigenschappen,
tot een wolk van een baby.

En als je zoals Maria, daar enthousiast van wordt, dan zeg je:
“mij geschiede naar uw woord”. Dat is niet een gelaten: laat maar komen,
maar bijbels enthousiasme, vol overgave vol worden van Gods Geest.


In het onderwijs wat Jezus geeft zien wie hetzelfde.
Dat de Geest over je komt, dat is niet allereerst zelf enthousiast moeten worden
door zelf je heel actief uit te strekken.
Zoals je je moet uitsloven voor een kerstdiner,
alles uit de kast halen.
Maar hij komt, door het te krijgen.
Want genade vragen we niet, nemen we niet,
maar genade vinden we zomaar.

Dit geldt niet alleen voor Maria, met haar unieke verhaal,
maar voor ons allemaal.
Want niet alleen Jezus is uit de Geest geboren.
Als Hij met Nicodemus praat over hoe geloof ontstaat,
gebruikt Jezus het voor ons allemaal het beeld van geboren worden.
Nicodemus stelt dan dezelfde vraag als die Maria ook stelde:
“Hoe kan dat gebeuren?”
En weer is het antwoord een mysterie:
Het wordt geboren uit de Geest.
“De wind waait waarheen hij wil; je hoort zijn geluid,
maar je weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat.
Zo is het ook met iedereen die uit de Geest geboren is.”

Dat geeft tot geloof komen iets ongrijpbaars.
Wat zou je het graag willen kunnen pakken! Kunnen geven.
Maar genade is niet een pakketje dat je uit de voorraad nemen kan.
Genade, in Gods ogen, het vindt jou; zomaar.
Daarom is de beste reactie die we kunnen hebben:
laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd.

De Geest gaat voorop.
Net zoals Jezus is geboren uit de Geest, met God als Vader,
zo zijn ook wij, geboren uit de Geest, kinderen van God.
Paulus zegt dat zo: Gal. 4:6
“En omdat u zijn kinderen bent,
heeft God ons de Geest van zijn Zoon gegeven, die ‘Abba, Vader’ roept.”
.
Het wordt je gegeven. Zelfs de woorden worden in je mond gelegd.
Laten wij dan zeggen: Mij geschiede naar uw woord.

Nog een plek waar je zien kan in Jezus’ onderwijs,
dat dit in het algemeen is, hoe de Heilige Geest werk.
Jezus heeft het vlak voor zijn hemelvaart zo aangekondigd,
en daar gebruikt hij dezelfde woorden als de engel: Hand. 1:8a
“Maar wanneer de heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen…”
Hij komt over je, en: het is een kracht. Die je zomaar ontvangt.
De Geest gaat vooraf aan al Gods werk.
Ook als hij met Pinksteren de kerk schept,
als enthousiaste gemeenschap, waar het lichaam van Jezus zichtbaar is,
waar vruchten van de Geest groeien,
we vieren dat God met ons is, en dat ook met de wereld delen,
als God dat mooie instituut in het leven roept,
dan is de Geest daarin scheppend aan het werk.
Hij maakt al het moois wat uit de hemel komt, hier, werkelijkheid.
Laat er met mij dan maar gebeuren wat u hebt gezegd.

Het is zelfs zo’n kenmerkende eigenschap van de Heilige Geest,
dat hij vooraf gaat, aan alles wat God doet,
dat hij in een adem genoemd wordt, als God schept.
Nog voor het Woord zelf klinkt. Nog voor God wat zegt. Gen 1:2
“De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed,
maar Gods geest zweefde over het water.”

De wind waait waarheen hij wil, en nu wil hij scheppen.
Het is niet voor het eerst dat de Geest zijn schaduw werpt,
en dan ontstaat er iets nieuws.
Altijd als God iets doet, iets moois maakt, komt eerst de Geest.
Eerst wordt Geest genoemd, en dan begint God te spreken.
Bij alles wat van God vandaan komt,
– of het nu de komst van Jezus is
of tot geloof komen, opnieuw geboren worden, –
eerst waait de wind.
Bij elk Woord dat gesproken wordt, stroomt de adem van God.


De Allerhoogste werpt de langste schaduwen.
Overal is te zien hoe hij meetrekt.
Beschermend en leven–scheppend is God–met–ons.
In ons, wekt hij ongeboren vruchten van de Geest tot leven.
Maria was daarvoor ontvankelijk.
En natuurlijk had ze zo haar vragen.
Maar als ze een mysterie als antwoord krijgt, dan is dat genoeg.
En zegt ze: de Heer wil ik dienen.
Ze geeft zichzelf over, is bereid, offervaardig.
Dat is in zichzelf al iets wat Gods Geest haar gegeven heeft.
Haar Zoon zal dat later ook zeggen:
Als hij zijn vragen stelt: Hoe moet dit gebeuren? Mk 14:36
“Abba, Vader, voor u is alles mogelijk, neem deze beker van mij weg.
Maar laat niet gebeuren wat ik wil, maar wat u wilt.”

Het is verleidelijk om te zeggen dat Jezus dit van zijn moeder heeft geleerd.
Maar in werkelijkheid is het anders.
Beide zeggen het in de Geest; in de kracht van de Allerhoogste.
Ook al werpt hij lange schaduwen.
Zij zal lijden, alsof een zwaard door haar hart gaat;
Hij krijgt een speer in zijn zij.

Zo komt ook de Geest van de Allerhoogste over ons.
Het is OK om vragen te stellen.
Maar ben je onder Gods vleugels beschut,
zal blijken dat je ook het geloof hebt om je over te geven.
Bij Jezus’ geboorte werd gezegd: Luk 1:35b
“Daarom zal het kind dat geboren wordt,
heilig worden genoemd en Zoon van God.”

Maar als ook wij zijn geboren uit de Geest,
omdat ook de Heilige, de kracht van de Allerhoogste, ook over ons kwam,
dan zullen ook wij heilig worden genoemd, en kind van God.
Leer dat kennen, hoe ook wij kinderen van de Allerhoogste zijn,
Bij elkaar kijken hoe we op Vader lijken.

De Geest zorgt ervoor dat het Woord, vlees wordt.
Dat mijn verlangen naar het goede leven wordt omgezet in goede daden.
Hij helpt om met lege handen te staan, Dat we zeggen: De Heer wil ik dienen.
Maar dan blijken we al vol van de Geest, die ons schaduwt,
die ons dekt, beschut en opvangt, die gaat waar wij gaan.

En dan heb je nog ons enthousiasme, het handen uit de mouwen,
wat bij velen diep in ons zit.
Maar vier deze kerst ook het feest: dat het je gegeven wordt.
God zegt: Ik geef je mijn Woord.
En daarvoor en daarna, als kracht van de allerhoogste
overschaduwd Gods zegen ook ons leven.
Genade hoef je niet te zoeken. Genade vind je.
Laat er met mij dan maar gebeuren wat u hebt gezegd.

Amen


online delen:

tag wolk Heilige Geest overgave kind van God incarnatie Maria (moeder)

Meer preken uit Lucas