Votum en Groet NLB Ps 45:1 en 3 (Met luider stem breng ik de koning hulde) Gebed L: HC 14 Opw 167 (Samen in de naam van Jezus) Heb.1:1-13 (Jezus is gezonden door God, is echt God de Zoon, Jij bent mijn Zoon) (cit ps 45, 102, 110) GK Ps 110: 1,2 (Zo heeft de HERE tot mijn Heer gesproken) Heb.2:14-18 (Jezus is echt mens geworden, kan meevoelen, hogepriester) GK PS 110: 4 Tekst voor de preek Heb 3:1 Preek (tijdens de preek delen uit Hebr 3 en 4) Ps 102:13 Geloofsbelijdenis van Athanasius artikel 27-40 GK GZ 162 = ELB 275 : 4 (Ja, 'k geloof en daarom zing ik) Gebed Collecte NLB 466: 2, 6, 7 (O Kom die Heer een meester zijt) Zegen }

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Vanmiddag staan we weer stil bij een stukje van de geloofsbelijdenis.
Jezus is ontvangen van de Heilige Geest en geboren uit de maagd Maria.
En dan gaat het over Jezus die echt God is, en echt mens.
En voor een deel is zondag 14 een herhaling van zondag 6:
Twee naturen in een persoon.

De catechismus vraagt er naar, wat nu de waarde hiervan is;
waarom moeten we het hier over hebben?
Het is alsof ook de schrijver aanvoelt dat het zo technisch is,
dat het voor gewone gelovigen zoals wij niet zo relevant is.

Het gebeurt zo makkelijk, dat we het al weten
en dat het daarom niet raakt.
We hebben met het afgelopen gemeenteproject ook weer heel basaal,
heel basic stil gestaan bij de kern van ons geloof,
en zomaar zijn je oren dichtgeslibd door het jargon.
De antwoorden gaan over zonde, Jezus als Middelaar,
en met zijn heiligheid bedekt Jezus dan die zonde, en is het weer goed.
– verveeld kun je zeggen: Ja ja, we weten het wel.


Vanmiddag wil ik stilstaan bij Jezus als Middelaar,
vanuit Hebreeën 3:1: “richt uw aandacht op Jezus,
de apostel en hogepriester van het geloof dat wij belijden”

En ik merk, soms is het een uitdaging om vanuit die verveeldheid te raken.
Ik merk als voorganger dat dat een uitdaging is,
maar ik denk ook in de manier waarop je zelf bijbelleest en luistert,
kun je verdoofd zijn door de bekendheid ervan.
Toch is het moeite waard die uitdaging aan te gaan.
En vanmiddag zijn er twee manieren waarop ik dat hoop te doen,
en ik wil ook vertellen hoe omdat het je in het algemeen kan helpen,
om die bekendheid, of zelfs verveeldheid tegen te gaan.

Een eerste manier, is kijken naar de details.
Soms valt je wat nieuws op, er valt een een nieuw licht op,
een ander perspectief, een aspect, of detail wat opeens spreekt.
Dit is iets, waarbij je dan nog steeds in je hoofd zit.
Het is nog steeds behoorlijk verstandelijk.
En het risico bestaat, dat als je het al gezien hebt,
al een keer eerder gehoord, dat je er dan niets aan hebt.
Hm… weer niets nieuws geleerd deze preek.
Dat is een risico, omdat het niet gaat om dingetjes weten.
We richten onze aandacht niet op een studie–object,
maar op een persoon. Op Jezus, die we belijden.
En het is heerlijk om in een klein detail iets nieuws te zien.
Je kunt je belijden ermee verdiepen.
– Maar ook als je niet iets nieuws ziet,
is het goed om je aandacht te richten op Jezus, hem te loven om wie hij is.
En ook al weet je het al lang; Hij verdient onze aandacht, en concentratie.
En de tekst zegt ook precies dat he? “richt uw aandacht op Jezus”
En ik geloof dat hij zo groot en zo oneindig mooi is,
dat er ook altijd wel een detail te ontdekken valt.

Doel is natuurlijk niet om gewoon kale waarheden te vertellen.
Een tweede manier is daarom, beeldspraak of mystiek haast.
Je probeert onder woorden te brengen
wat eigenlijk niet gezegd kan worden.
Om iets te ervaren, van wat eigenlijk buiten je bereik ligt.
Dit zit niet zo in onze aard, in onze geschiedenis.
En ik denk dat het daarom soms zo aanspreekt, mij in elk geval.
Als je bijvoorbeeld nadenkt over Jezus als bruidegom,
en de kerk als bruid, de kerk als lichaam,
en daarover doordenkt en mediteert, dan kun je mooie dingen zien.
De kerk heeft bijvoorbeeld Hooglied op deze manier gelezen.
En daar valt genoeg over te zeggen dat het echt niet de enige manier is,
om Hooglied te lezen, maar het is wel een manier,
om nieuwe woorden te vinden, de liefde, de opwinding zelfs,
voor de verhouding tussen de kerk en haar lieve bruidegom.

Zoeken naar details, de diepte,
of zoeken naar een beeldspraak, iets ongrijpbaars, een ervaring.
Dit zijn zomaar twee manieren, om te luisteren, te leren,
te ervaren. De een is niet beter dan de andere,
en welke voor je werkt, verschilt ook per persoon.
Een veelkleurige manier van luisteren,
omdat Gods spreken en handelen zo groot is,
en hij ons zo verschillend heeft gemaakt.


We richten onze aandacht op Jezus.
En Hebreeën 3, noemt dan twee woorden: Apostel en Hogepriester.

We kennen het woord apostel zoals het wordt gezegt van de leerlingen,
discipelen van Jezus, de 12 apostelen. Of Paulus.
Dat zijn mensen die door Jezus gestuurd zijn,
om namens Hem, met Jezus’ gezag, zijn boodschap te vertellen.
Dat is wat Apostel betekent. Gezonden, gestuurd met een verhaal
Hier wordt Jezus een Apostel genoemd; dus door de Vader gezonden,
om met Vaders gezag zijn boodschap te vertellen.
In het evangelie van Johannes zie je dit Jezus ook heel vaak zeggen.
“de Zoon kan niets uit zichzelf doen, Joh 5:19
hij kan alleen doen wat hij de Vader ziet doen;
en wat de Vader doet, dat doet de Zoon op dezelfde manier.”

“de levende Vader heeft mij gezonden” Joh 6:57
“Ik spreek over wat ik gezien heb bij de Vader” Joh 8:38
“de Vader en ik zijn één.” Joh 10:30

Dat is dus wat Jezus als Apostel van de Vader betekent.
En in alles wat hij zegt en doet blijkt,
dat Jezus echt en eeuwig God is en blijft.
Dit is het accent wat we in Hebreeën 1 lazen: Heb 1:3a
“In hem schittert Gods luister, hij is zijn evenbeeld”

Hebreeën gebruikt nog een woord: Hogepriester
Waar de Apostel de boodschapper van God naar mensen is,
de Hogepriester is de ontvanger van de andere kant,
de vertegenwoordiger van mensen;
die het naar God toe het weer goed wil maken,
Die voor ons in de tempel bezig is; die verzoent, bedekt, en herstelt.
Hebreeën 2 benadrukt deze kant van Jezus’ rol. Heb 2:17–18
“Daarom moest hij in alles gelijk worden aan zijn broeders en zusters;
alleen dan zou hij in aangelegenheden tussen God en zijn volk
een barmhartige en betrouwbare hogepriester zijn,
die verzoening bewerkt voor hun zonden.”

Dat wat zich tussen God en zijn volk afspeeld: de aangelegenheden,
dat is waarvoor Jezus mensen moest worden.
Om volksvertegenwoordiger te zijn, moet je iemand van het volk zijn.
En heel menselijk voegt Hebreeën er dan zo mooi aan toe:
“Juist omdat hij zelf op de proef werd gesteld
en het lijden volbracht heeft, kan hij ieder die beproefd wordt bijstaan.”

En dit aspect van de hogepriester komt zo nog terug in hoofdstuk 4,
maar eerst zo maar even. blanco

Hebreeën 1 presenteert Jezus als de zoon van God,
hoger dan mensen en engelen, echt en eeuwig God.
De Apostel van de Vader, gezonden met een missie.
Hebreeën 2 presenteert Jezus als man van het volk, gelijk aan ons geworden,
om te weten hoe het is, om beproeft te worden,
te weten hoe het is om te lijden, om ziek te zijn,
om het zwaar te hebben, om te vechten, en te verliezen.
Dat maakt Jezus een barmhartige en betrouwbare hogepriester.
Hij kent je, en weet hoe hij voor jou verzoening moet bewerken.


Dit is hoe Hebreeën laat zien,
dat Jezus gewoon God is, en waarom zijn menselijkheid zo belangrijk is.
Maar als je nu kijkt naar de eerste antwoorden die Hebreeën heeft gegeven,
het gaat over Jezus als hogepriester,
dat is dus iemand die offert, Jezus verzoent door zichzelf te offeren,
maar dat gaat heel erg over wat Jezus op goede vrijdag deed.
Zijn dood in mijn plaats, het dragen van de straf voor mij.

Dat maakt de tweede vraag en antwoord van de catechismus wel bijzonder.
Maar het gaat nu over Jezus’ geboorte:
Ontvangen van de Geest, geboren uit Maria.
En daarop is het antwoord dat Jezus daarin al,
de twee werelden verenigt, verzoent.
In zijn geboorte, ontvangen van de Geest, ben ik al aangenomen,
wordt bedekt wat niet goed is, met zijn heiligheid.
Dit is een detail, wat ik wil meenemen in de rest van de preek.
Dus probeer dit even vast te houden.

Ik begon met zeggen hoe een bekende tekst moeilijk kan zijn,
om op te focussen, soms zelfs overbekend zijn.
We hebben nu een aantal details bekeken.
En de tweede manier is om te werken met beeldspraak.
Dan zit je in het mooie boek Hebreeën helemaal goed.
Ik ga nu met U lezen uit Hebreeën, een aantal stukjes uit hoofdstuk 3 en 4,
en zo komen we meerdere beelden voor God tegen,
en ook een beeld wat uitlegd, waarom Jezus nu God en Mens moest zijn.

We beginnen bij Hebreeën 3:1; Heb 3:1–2
“U allen, heilige broeders en zusters, die deel hebt aan de hemelse roeping,
richt uw aandacht op Jezus, de apostel en hogepriester
van het geloof dat wij belijden, die trouw is aan wie hem heeft aangesteld,
zoals Mozes in heel Gods huis zijn taak trouw vervulde.”

Over Jezus, de Apostel en Hogepriester heb ik al wat gezegd.
Wie moeten zich op Jezus richten?
Dat zijn de heilige broeders en zusters, wij dus,
En van ons wordt gezegd dat we deel hebben aan de hemelse roeping.

En dan begint de schrijver wat over die roeping te vertellen.
Dat is ook logisch als je bedenkt dat Jezus Apostel van de vader is.
Gezonden met een boodschap, dat vraagt om een publiek van luisteraars.
God is geen roepende in de woestijn, zijn woord vind gehoor,
dat kan niet anders.
God heeft zijn verhaal eerst via Mozes de wereld in geholpen.
Israel als eerste publiek van Gods boodschap.
De plaats waar God bouwde aan dat huis Heb 3:5–6
Eerst met Mozes, als trouwe dienaar.
Vs 5“Mozes vervulde trouw zijn taak in heel Gods huis,
als dienaar die getuigde van de komende openbaringen,”

En met dat Jezus komt, blijkt dat hij
de bouwer en fundament van dat huis is,
“Christus echter is trouw als Zoon die over dat huis is aangesteld.
Wij vormen dat huis, tenminste, als we trots en zonder schroom
vasthouden aan datgene waarop wij hopen.”

En dan begint Hebreeën een stuk uit psalm 95 te citeren. blanco
De psalm denkt terug aan Israel in de woestijn. Bij Massa en Meriba
Als Israel dorst krijgt, en tegen Mozes begint te mopperen.
Klagen: in Egypte hadden we het beter.
God geeft daar water uit de rots, maar zowel het volk als Mozes,
komen niet ongeschonden uit dit verhaal.
Hebreeën gebruikt deze psalm, die dit verhaal vertelt,
omdat het gaat over roeping.
Je bent geroepen, focus nu, wees niet eigenwijs.
Je bent geroepen, net zoals Israel uit de woestijn is geroepen.

“De heilige Geest zegt immers: Heb 3:7–13
‘Horen jullie vandaag zijn stem, wees dan niet koppig, als tijdens de opstand,
toen jullie mij beproefden in de woestijn, waar jullie voorouders mij op de proef
stelden en tartten hoewel ze mijn daden hadden gezien, veertig jaar lang.
Daarom werd die generatie door mijn woede getroffen,
ik zei: “Altijd weer dwaalt hun hart, mijn wegen kennen ze niet.”
En in mijn toorn heb ik gezworen: “Nooit zullen ze binnengaan in mijn rust.”’
Zie er dus op toe, broeders en zusters, dat niemand van u door een kwaadwillig,
ongelovig hart afvallig wordt van de levende God, maar wijs elkaar terecht,
elke dag dat dit ‘vandaag’ nog geldt, opdat niemand van u halsstarrig wordt
omdat hij door zonde verleid werd.”

In deze psalm zitten twee woorden waar Hebreeën verder op mediteert.
Het eerste woord is vandaag:
“horen jullie vandaag zijn stem”, helemaal aan het begin vd psalm,
En aan het eind van dit citaat zegt Hebreeën:
“elke dag dat dit ‘vandaag’ nog geldt”; dat is nu. Dat is de open deur,
God die je uitnodigd om in te gaan in zijn huis: Om te geloven in Jezus,
om te luisteren naar Jezus als Apostel van God, die namens de Vader kwam,
om te gaan naar Jezus als Hogepriester,
onze volksvertegenwoordiger, die het verzoent en bedekt.

Het andere woord is de waarschuwing: God die woedend tegen Israel zegt:
“nooit zullen ze ingaan in mijn rust”.
Toen betekende dat, dat ze niet het beloofde land binnen mochten.
Als God je meeneemt, met Mozes uit Egypte,
of met Jezus mee uit de wereld van de zonde,
ga dan niet achterover leunen en denk dat alles vanzelf gaat.
Hebreeën is hier best wel heftig. Heb 3:16–19
Hij zegt, “wees dan niet koppig, als tijdens de opstand’
16 wie waren het dan die zijn stem hoorden en toch opstandig werden?
Waren dat niet degenen die onder Mozes’ leiding uit Egypte waren weggetrokken?
Wie werden veertig jaar lang door zijn woede getroffen?
Waren dat niet degenen die gezondigd hadden
en van wie de lijken neervielen in de woestijn?
En aan wie zwoer hij dat ze niet zouden binnengaan in zijn rust
– toch zeker aan hen die ongehoorzaam waren?
Zo zien we dat zij er niet konden binnengaan vanwege hun ongeloof.”

Maar als dat gezegd is, de deur blijft openstaan,
de uitnodiging blijft. God houdt zijn huis open.
het ‘vandaag’ geldt nog steeds. En daarom is het verhaal van Jezus,
een uitnodiging om in te gaan in de rust, om vrede te krijgen met God.
De belofte om binnen te gaan in Gods rust is vandaag nog steeds van kracht.
“Wij zijn dat huis als we tenminste trost en zonder schroom vasthouden
aan datgene waarop we hopen. (3:6)”

“Omdat wij echter geloven, Heb 4:3a
gaan we binnen in de rust waarvan eerder sprake was”

Door te geloven, gaan wij binnen in de rust.
Dit beeld van ingaan in de rust, is urgent,
je moet echt geloven, het is echt nodig

“Omdat wij echter geloven, Heb 4:3–4
gaan we binnen in de rust waarvan eerder sprake was:
‘In mijn toorn heb ik gezworen:
“Nooit zullen ze binnengaan in mijn rust,”
– en dat terwijl zijn werk toch al met de grondvesting van de wereld voltooid werd!”

Die toevoeging is grappig.
Want de schrijver gaat hier terug naar het begin.
“Over de zevende dag wordt immers ergens gezegd:
‘En op de zevende dag rustte God van al zijn werk.’”

God schiep de wereld, en met dat God de 7e dag schiep,
de rustdag, de dag dat alles klaar is,
eigenlijk legt de schrijver dat een beetje mystiek uit:
God verlossing stond al vast vanaf het begin.
God rustte, hij was klaar. Het is volbracht.
Vrede en verzoening waren er toen al.
En God zegt tegen U allen, heilige broers en zussen,
jullie die deel hebben aan de hemelse roeping,
ga binnen in de rust. Vind je vrede met God. Doe dat vandaag.
Maar het was er al in de eerste week van de wereldgeschiedenis.

Dit is waarom ik eerder vroeg om het beeld vast te houden,
wat de catechismus zei.
De waarde van Jezus geboorte,
dat hij is ontvangen van de Geest, geboren uit Maria,
daarvan is de waarde al,
dat hij niet pas met goede vrijdag, maar al door te komen,
door te zijn, mijn zonde bedekt met zijn onschuld.
Zoals Hebreeën zegt, ingaan in de rust,
dat kan al vanaf de eerste Sabbat, de eerste rustdag,
zo zegt de belijdenis, dat Jezus al vanaf conceptie,
de wereld van de Vader en de wereld van mensen samenbrengt,
me verzoent en onze natuur aanneemt.


Dit is belangrijk, omdat Jezus binnen gaat in onze onrust.
omdat hij in een wereld stapt waar onvrede heerst.
gejaagdheid, ongehoorzaamheid, ongeloof, onmin, onrust.
Onze natuur had van nature geen vrede meer met God.
Maar Jezus neemt onze natuur aan, wordt een van ons; Hij neemt je aan.

Het woord Rust, geeft aan de het er is. Je moet er in stappen.
Het ligt klaar vanaf de eerste week van de wereld,
Het is er al vanaf het moment dat Jezus ontvangen is van de Geest,
geboren uit Maria.
En daarom gaat Hebreeën verder: Heb 4:9–10
“Er wacht het volk van God dus nog steeds een sabbatsrust.
En wie is binnengegaan in zijn rust,
vindt rust na zijn werk zoals God na het zijne.”

Misschien zuchtte je, bij het lezen van de catechismus, en vroeg je je af:
wat is de waarde? waarom moeten we het hierover hebben?
Ik hoop dat door te kijken naar de details, en naar de beeldspraak,
je ontdekt hoe belangrijk het is, om je aandacht te richten op Jezus.
Hij is de boodschap en het betaalmiddel,
hij is zender en ontvanger, hij is God en mens.
En hij verenigt beide. Hij is onze vrede, onze rust waar je in mag stappen.

Het einde is mooi: Heb 4:14–16
“Nu wij een hooggeplaatste hogepriester hebben die de hemel is doorgegaan, Jezus,
de Zoon van God, moeten we vasthouden aan het geloof dat we belijden.
Want de hogepriester die wij hebben is er een die met onze zwakheden kan
meevoelen, juist omdat hij, net als wij, in elk opzicht op de proef is gesteld,
met dit verschil dat hij niet vervallen is tot zonde.”

Dit is het enige verschil tussen Jezus en jou.
Hij is in alles aan ons gelijke geworden, behalve de zonden.
Anders had hij de twee werelden niet kunnen samenbrengen,
was hij ook gevallen voor mijn onrust en onvrede,
had hij nooit rust en vrede kunnen geven.
Was hij in ongenade gevallen, had God ons niet genadig kunnen zijn.
Dus wat is de waarde? Dat het ‘vandaag’ echt goed zit.

Rust, als je gelooft in Jezus. En als je ziet hoe hij
in zichzelf, God en mensen samenbrengt.
Hij is de belichaming van de verzoening. Hij is de rust, in hem is alles klaar.
Hebreeën sluit dan dit stuk hiermee af:
“Laten we dus zonder schroom naderen tot de troon van de Genadige,
waar we telkens als we hulp nodig hebben barmhartigheid en genade vinden.”

Nog steeds hebben we hulp nodig,
nog steeds moet je aangespoord worden om je aandacht op Jezus te richten,
en je moet echt ingaan op zijn aanbod van de open deur.
Weet je welkom in het huis van God, wat hij zelf bouwt.
En wees alsjeblief niet zo eigenwijs om te bedanken.

Maar als je binnen bent, dan ervaar je Vrede:
vind je genade, en wordt Rust je 2e natuur.

Amen


online delen:

tag incarnatie twee-naturen verzoening apostel hogepriester rust Maria (moeder)

Meer preken uit Heidelbergse Catechismus